De woningmarkt laat in het eerste kwartaal van 2025 een duidelijke opleving zien. Er wisselden bijna 34.000 woningen van eigenaar, een stijging van ruim 13% ten opzichte van hetzelfde kwartaal vorig jaar.
Daarmee ligt het aantal verkopen fors hoger dan in de eerste kwartalen van de afgelopen drie jaar. Volgens de NVM is het herstel van de markt goed zichtbaar, al blijven uitdagingen bestaan, met name in de nieuwbouw.
Betaalbare uitpondwoningen stimuleren de markt
Een opvallend aandeel van de transacties – 1 op de 5 woningen – betrof voormalige huurwoningen die verkocht werden, zogenoemde uitpondwoningen. In de vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht gaat het zelfs om 2 op de 5 woningen. Deze woningen zijn vaak eenvoudiger en kleiner, en in tweederde van de gevallen betreft het een appartement. Het grote aantal uitpondingen heeft een dempend effect op de gemiddelde verkoopprijzen.
De gemiddelde transactieprijs van bestaande woningen kwam uit op 473.000 euro, een daling van 1,8% ten opzichte van het vorige kwartaal. Een lichte daling in het eerste kwartaal is historisch gezien niet uitzonderlijk. Op jaarbasis blijven de prijzen echter stijgen: met 9,7% ligt de prijs nog altijd aanzienlijk hoger dan een jaar geleden. Uitponden drukt de prijzen: zonder deze woningen zou de gemiddelde verkoopprijs 9.000 euro hoger liggen.
Groter aanbod, maar nog steeds krap
Het aanbod van koopwoningen via NVM-makelaars steeg met 15% naar bijna 26.000 woningen. Vooral het aantal appartementen groeit, deels door de toename van uitpondingen. Inmiddels bestaat 33% van het aanbod uit appartementen, vijf jaar geleden was dat nog minder dan 20%. Desondanks blijft de woningmarkt krap: de krapte-indicator ligt op 2,3, wat betekent dat een woningzoekende gemiddeld 2,3 geschikte huizen kan overwegen. Vooral tussenwoningen zijn schaars (indicator: 1,7).
Voorzitter Lana Goutsmits-Gerssen van de NVM-vakgroep Wonen noemt de ontwikkeling bemoedigend:
“De markt trekt aan met meer verkopen en een breder aanbod. Een belangrijk deel daarvan zijn betaalbare voormalige huurwoningen, wat starters perspectief biedt.”
Ze waarschuwt echter ook voor de keerzijde: “Voor starters op de huurmarkt wordt de situatie steeds nijpender. We moeten daarnaast echt tempo maken met betaalbare nieuwbouw.”
Nieuwbouw stabiel, maar zorgen om de toekomst
De verkoop van nieuwbouwwoningen blijft met 6.740 verkochte woningen op een vergelijkbaar niveau als een jaar geleden. Het sentiment onder makelaars is positief, maar de zorgen nemen toe. Er worden te weinig bouwvergunningen afgegeven en het aanbod van grondgebonden woningen daalt. Daardoor ontstaat een mismatch tussen aanbod en vraag.
De gemiddelde verkoopprijs van nieuwbouwwoningen steeg naar 492.000 euro, mede doordat minder goedkopere grondgebonden woningen werden verkocht. Ook de prijs per vierkante meter loopt op: van 4.340 euro vorig jaar naar 4.780 euro nu. De focus op binnenstedelijk bouwen zorgt ervoor dat nieuwbouw steeds vaker uit kleinere appartementen bestaat. Inmiddels is twee derde van het aanbod een appartement, vijf jaar geleden was dat nog een derde.
Oproep aan politiek: maak bouwen eenvoudiger
Goutsmits-Gerssen roept het kabinet op om werk te maken van vereenvoudiging van regels en snellere procedures: “De eerste adviezen van de commissie STOER bieden minister Mona Keijzer een goed vertrekpunt om echt door te pakken. Schrappen van regels en ruimte voor lokaal maatwerk kan zonder kwaliteitsverlies en brengt de ambitie van 100.000 nieuwe woningen per jaar dichterbij.”
De woningmarkt beweegt, maar voor structureel herstel blijft actie op alle fronten noodzakelijk.

