Nederlandse huishoudens halen steeds vaker een slimme hulp in huis. Uit nieuw onderzoek van onderzoeksbureau Multiscope blijkt dat inmiddels 30 procent van de huishoudens één of meerdere slimme huishoudelijke apparaten bezit. In 2022 lag dat aandeel nog op 24 procent.
Volgens de nieuwste Smart Home Monitor, waarvoor ruim 7.400 Nederlanders werden ondervraagd, is de robotstofzuiger momenteel het populairste slimme huishoudelijke apparaat. Zo beschikt inmiddels 12 procent van de huishoudens over een automatische schoonmaakhulp. Ook slimme wasmachines en drogers winnen terrein: 9 procent van de Nederlanders heeft inmiddels zo’n connected apparaat in huis. Slimme vaatwassers volgen met 6 procent.
Oven blijft nicheproduct
Veel andere slimme apparaten blijven voorlopig nog nicheproducten. Denk aan slimme ovens, magnetrons of andere huishoudelijke apparaten die via apps of spraakassistenten te bedienen zijn. Die blijven vooralsnog onder een marktaandeel van 5 procent steken.
Volgens onderzoeker Mark Hage draait het bij consumenten vooral om gemak. Bijna zes op de tien bezitters noemt comfort en tijdsbesparing als belangrijkste reden voor de aankoop van slimme apparatuur. Vooral robotstofzuigers spreken daarbij tot de verbeelding: terwijl bewoners op de bank zitten of buitenshuis zijn, rijdt het apparaat zelfstandig zijn rondjes door het huis.

Geen bewuste keuze
Opvallend is dat slimme functies lang niet altijd doorslaggevend zijn bij de aanschaf. Meer dan een derde van de gebruikers geeft aan dat de slimme technologie simpelweg standaard op het apparaat zat dat zij kochten. Daarnaast zegt 19 procent slimme apparatuur te hebben aangeschaft ter vervanging van een ouder toestel.
De groei lijkt bovendien nog niet voorbij. Zo’n 14 procent van de Nederlandse huishoudens overweegt binnen een jaar nieuwe slimme apparatuur aan te schaffen. Dat komt neer op bijna 1,2 miljoen huishoudens. De meeste interesse gaat opnieuw uit naar robotstofzuigers, gevolgd door slimme wasmachines, slimme rolluiken of gordijnen en slimme ovens of magnetrons.